Informatiepagina Mobiliteit

← Ga terug naar de overzichtspagina

Laatst bewerkt op: 11-03-2026

Mobiliteit is overal om ons heen. Of je nu naar school, werk of vrienden gaat, je zult je daarvoor bijna altijd moeten verplaatsen. Mensen willen dat snel, veilig en comfortabel doen. Daarvoor is een goede infrastructuur van groot belang. Dat betekent dat er goede voet- en fietspaden zijn, maar ook voldoende autowegen en busbanen.

Almere groeit hard. Alle nieuwe inwoners moeten zich, net als de bestaande, op een goede manier kunnen verplaatsen. Een toename in het aantal reizigers betekent dat de gemeente moet blijven investeren in de infrastructuur. Alleen zo kan Almere een stad zijn waar het fijn wonen, verblijven en ondernemen is. Daarbij moeten veel keuzes gemaakt worden. Waar bouwen we nieuwe wijken? Hoe ontsluiten we die? Met een busbaan of een autoweg? Onder andere daarover gaat het mobiliteitsbeleid.

Landelijke wetten en regelingen

De wet bepaalt dat de gemeente verantwoordelijk is voor het beheer en onderhoud van alle wegen binnen de gemeentegrenzen. Er zijn wel een aantal uitzonderingen. Dit zijn wegen die onder de verantwoordelijkheid van andere overheden vallen. Zo is de Provincie Flevoland bijvoorbeeld verantwoordelijk voor de Hogering, de Buitenring, de Tussenring, de Waterlandseweg en de Oostvaardersdijk. Het Rijk is verantwoordelijk voor snelwegen, zoals de A6 en de A27.

Op de website van de Provincie Flevoland vindt u meer informatie over het provinciale mobiliteitsbeleid.

Lokale invloed en zeggenschap

Om de stad op een gezonde manier te laten groeien, maakt de gemeente veel keuzes ten aanzien van de mobiliteit. Waar worden nieuwe wegen aangelegd en wie mag daar gebruik van maken? Maar ook de bestaande infrastructuur moet onderhouden worden. Zo blijft het veilig en comfortabel. Al deze keuzes krijgen een plek binnen het Almeerse mobiliteitsbeleid, dat bestaat uit verschillende visies en plannen:

  • De Omgevingsvisie bevat de toekomstplannen om de stad gezond, leefbaar en bereikbaar te houden. Mobiliteit maakt daar dus een groot deel van uit. De visie is nodig, omdat er de afgelopen jaren veel is veranderd. De woningnood is hoog, het klimaat verandert en de druk op zorg, onderwijs en openbaar vervoer is groot.
  • In 2020 stemde de raad in met de Mobiliteitsvisie 2020-2030. De visie richt zich op verduurzaming van mobiliteit, het behoud van de kwaliteit van de verschillende verkeersnetwerken, het inzetten op regionale verbindingen en het ontwikkelen van knooppunten. De visie geeft een beeld welke ingrepen nodig zijn in Almere. Dat kan een beleidsverandering zijn, een investering of beiden. In de raadsperiode 2026-2030 zal een actualisatie van de visie worden voorgelegd aan de raad.
  • Het Mobiliteits- en Infrastructuur Programma Almere (MIPA) is een uitwerking van de Mobiliteitsvisie. Daarnaast bespreekt de raad jaarlijks een MIPA-werkplan, waarmee de middelen voor het daaropvolgende jaar worden vastgesteld.
  • Begin 2025 stelde de gemeenteraad de Openbaar Vervoer Visie vast voor de periode van 2028 tot en met 2037. Deze visie bevat de ambities voor het openbaar vervoer in Almere. De primaire focus ligt op het busvervoer.
  • Voor het centrum van de stad bestaat een apart mobiliteitsplan: Hart van de Stad. De gemeenteraad stelde dit plan vast in 2024. Het voorziet in een groot aantal van inwoners, bedrijven, winkeliers, maar ook bezoekers. Het streven is dat Almere Centrum aantrekkelijk, gastvrij en levendig is. Niet alleen voor de Almeerders zelf, maar ook voor bezoekers uit de regio. Het plan hangt nauw samen met de woningbouwopgave voor het centrum.
  • Begin 2026 stelde de gemeenteraad het Parkeerbeleid Almere 2025 vast. Dit beleid schrijft voor hoe de parkeerproblematiek in de bestaande kan worden opgelost. Ook staat erin beschreven hoeveel parkeerplaatsen gerealiseerd dienen te worden bij nieuwbouw.

In aanvulling op bovenstaande werkt de gemeente ook aan beleid voor het straattaxivervoer.

Samenhang met andere onderwerpen

Mobiliteit hangt nauw samen met andere beleidsterreinen. Zo is voldoende en goede infrastructuur een enorm belangrijke voorwaarde voor goede gebiedsontwikkelingen. Nieuwe ontwikkelingen als woningbouw en verdichting leiden tot een groei van de mobiliteit. Wanneer de infrastructuur niet meegroeit, kan dit leiden tot congestie (file). Hetzelfde geldt voor het parkeerbeleid.

Ook is er een grote overlap tussen mobiliteit en duurzaamheid. Met keuzes binnen mobiliteit kan de gemeente namelijk bijdragen aan klimaatdoelstellingen. Denk daarbij aan elektrificatie van het wagenpark, het bieden van voldoende laadmogelijkheden voor elektrische auto's en de realisatie van uitstootvrije zones.

Veel mensen wonen in Almere, maar werken ergens anders. Zo is Almere voor de werkgelegenheid afhankelijk van de onder andere de regio Amsterdam. Hoe meer mensen buiten Almere werken, hoe groter de belasting van bijvoorbeeld wegen en treinen. Toename van de werkgelegenheid binnen de gemeente kan helpen om te zware belasting daarvan tegen te gaan.

Samenwerkingspartners

Landelijk en regionaal

Infrastructuur stopt niet bij de gemeentegrens. Almere werkt dan ook nauw samen met verschillende andere overheden. Dit gebeurt in verschillende samenwerkingsverbanden:

  • Het Bestuurlijk Overleg Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (BO MIRT) omvat alle rijksprojecten uit de begroting van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. In dit jaarlijkse overleg wordt Almere vertegenwoordigd door de Provincie Flevoland. In 2013 maakten het Rijk en de regio afspraken over de groei en bereikbaarheid van de stad Almere: De RRAAM-afspraken (Rijk-Regioprogramma Amsterdam-Almere-Markermeer). Deze afspraken hebben een plek gekregen in het programma Almere 2.0. Bereikbaarheid, ecologie en verstedelijking vormen hierin de centrale opgaven.
  • Jaarlijks spreken Rijk en regio elkaar tijdens de Bestuurlijke Overleggen Leefomgeving (BOL). Het gaat dan over de uitvoering van de grote ruimtelijke opgaven. In veel gevallen vindt dit overleg plaats in het tweede kwartaal van het jaar en wordt er vooruitgekeken naar het BO MIRT dat later in het jaar plaatsvindt.
  • De Metropoolregio Amsterdam (MRA) is het samenwerkingsverband van de provincies Noord-Holland en Flevoland, 30 gemeenten en de Vervoerregio Amsterdam.
  • Samen Bouwen aan Bereikbaarheid (SBaB): Binnen SBaB werken verschillende organisaties, zoals overheden en wetenschappelijke instellingen, samen aan de bereikbaarheidsopgave binnen de Metropoolregio Amsterdam. Het verstedelijkingsconcept NOVEX MRA vormt daarbij het kader voor de ruimtelijke maatregelen.
  • Het MRA-netwerk Digitalisering en Innovatie in Mobiliteit (DIM) is koploper in slimme en duurzame mobiliteitsoplossingen. Het doel is om de mobiliteitstransitie te stimuleren zodat mensen in een gezonde en prettige omgeving kunnen blijven leven. Data en digitalisering helpen daarbij.

Binnen de provincie zijn er ook een aantal samenwerkingsverbanden:

  • Regionale Ontwikkelagenda
  • Gedelegeerd Concessiehouder
  • Programma Mobiliteit en Ruimte
  • Flevomobility
  • Vervoerberaad
Lokaal

Naast met de vele landelijke en regionale partners werkt de gemeente ook op lokaal niveau samen. De belangrijkste lokale partners zijn als volgt:

  • Keolis is de vervoerder die de huidige bus-concessie uitvoert voor de gemeente Almere. Hiermee heeft Almere een unieke positie, omdat in de meeste gevallen de provincie hiervoor verantwoordelijk is. In dit geval is deze verantwoordelijkheid vanuit de Provincie Flevoland naar de gemeente gedelegeerd. De huidige bus-concessie loopt van 2017 tot en met 2027. Het bevat afspraken over de inrichting van het Almeerse busvervoer. Denk daarbij aan routes, tarieven en de hoeveelheid bussen die rijden. De gemeente heeft regelmatig contact met Keolis.
  • Het Lokaal Veiligheidsarrangement (LVA) bevat afspraken tussen NS, ProRail, Keolis en de gemeente om de omgeving van de stations zo veilig mogelijk te maken. Deze partijen komen vijf keer per jaar bij elkaar om incidenten en verbeteringen te bespreken. Formele afspraken worden één tot twee keer per jaar gemaakt.
  • Het ROCOVF is het reizigersplatform in Flevoland. Het bestaat uit vertegenwoordigers van reizigersorganisaties en is een wettelijk adviesorgaan. Dat betekent dat voor elke wijziging binnen het openbaar vervoer het ROCOVF om advies wordt gevraagd.

Andere organisaties waarmee de gemeente individueel samenwerkt, zijn onder andere de NS, ProRail, Arriva, de Fietsersbond, Windesheim, Aeres, de Werkgroep Verdrag in de Praktijk en de verschillende deelmobiliteitsaanbieders. 

Financiering

Voor grote projecten kan de gemeente soms gebruik maken van landelijke middelen. Andere zaken worden op reguliere wijzen gefinancierd via de jaarlijkse programmabegroting.